The New York Times
Gemaakt voor de promotie van de Turkse editie van The New York Times.
Gemaakt voor de promotie van de Turkse editie van The New York Times.
Na lang twijfelen en speculeren is er eindelijk duidelijkheid: een vrouwenstem in een radiocommercial werkt beter. En dat terwijl er in de praktijk meer van mannelijke voice-overs gebruik wordt gemaakt.
De Rijksuniversiteit Groningen en Soundbase hebben samen een onderzoek uitgevoerd naar de invloed van de sekse van de spreker op de waardering van de boodschap. Uit de resultaten blijkt dat een vrouwenstem in de meeste gevallen effectiever is.
De gemiddelde luisteraar laat zich onbewust leiden door vooroordelen, gebaseerd op eeuwenoude stereotypen. Een mannenstem in relatie tot mannenproducten wordt als betrouwbaar en professioneel ervaren. Dit geldt ook voor een vrouwenstem bij vrouwenproducten. Opvallend is dat in alle gevallen de vrouwelijke spreker aardiger en aantrekkelijker wordt gevonden.
Een vrouwenstem beschikt over de meeste overtuigingskracht als het gaat om een commercial van een ‘neutraal product', zoals een koffiezetapparaat of meubilair. Het product wordt dan positiever gewaardeerd. In de praktijk wordt bij een meerderheid van dergelijke radiocommercials vooral een mannenstem gebruikt.
Volgens David Westveer, communicatieadviseur bij BOOM, is onderzoek belangrijk om de effectiviteit van communicatiemiddelen te vergroten: "Dit onderzoek toont maar weer eens aan dat de gekozen vorm de effectiviteit van het communicatiemiddel beïnvloedt. Daar dient rekening mee gehouden te worden bij de vervaardiging van onder andere auditieve middelen. Overigens is bij gesproken woord niet alleen de sekse van de stem van invloed op de verwerking. Ook aspecten als tempo, articulatie, volume, variatie in pitch, ritme en rijm spelen een rol. En dan heb ik het nog niet over de inhoud."
Volgens Westveer is het zinvol om commercials in verschillende varianten te pre-testen bij de doelgroep: "Door een adequaat praktisch communicatieonderzoek kan de effectiviteit van een communicatiemiddel zoals een radiospot worden vergroot. Met de uitkomsten van een simpele pre-test kan bijvoorbeeld de begrijpelijkheid, de aantrekkelijkheid en daarmee de effectiviteit van een spotje worden vergroot. Een pre-test betaalt zich zeker uit. Zendtijd wordt niet weggegeven. Daarom is zorgvuldigheid gewenst. De ingekochte tijd dient effectief ingezet te worden. Zo levert het contactmoment meer rendement op."
Geschreven in kader van mijn stage.
Gemeenten moeten niet zomaar roepen dat ze aantrekkelijk zijn. Om bewoners en bedrijven te binden aan een stad of regio is meer nodig. Dat vindt Gert-Jan Hospers, bijzonder hoogleraar City- en regiomarketing.
Steden moeten ervoor zorgen dat de stad zo prettig is dat mensen en bedrijven er willen blijven. Gemeenten die zichzelf presenteren door middel van citymarketing en een slogan trekken daarmee geen nieuwe mensen of organisaties aan. Hospers: "Slogans zijn te algemeen. ‘Allemaal Alphen' of ‘Zin in Zevenaar' zegt niets over die plaats. Een stad moet niet zéggen dat ze aantrekkelijk is, ze moet aantrekkelijk zijn".
De - zoals Hospers het noemt - ‘koude citymarketing' zou moeten bijdragen aan de economische groei van steden of regio's. Dit werkt volgens de hoogleraar wel voor toeristen, maar niet voor nieuwe inwoners of bedrijven. ''Toeristen laten zich manipuleren door zo'n marketingcampagne, maar verhuizen daardoor niet naar een andere plaats'', concludeert Hospers na onderzoek over het verhuizen van mensen en bedrijven. Steden of regio's moeten zorgen voor zaken als stage- en opleidingsmogelijkheden, banen, een gevarieerd woonaanbod, goede bereikbaarheid, soepele vergunningen en voldoende groen- en recreatievoorzieningen om mensen te binden. "Dat soort warme citymarketing heeft veel meer zin en scheelt gemeenten bovendien een hoop geld".
Communicatieadviseur Luuk Schils van BOOM® gelooft ook niet in lege slogans: "Eerst zorgen dat je je zaken op orde hebt. Dan pas kijken waar je echte sterke punten liggen en die dan krachtig communiceren. Citymarketing moet dus gevoed worden vanuit de authenticiteit van een stad of gemeente. Laat je eigen gezicht zien; dat werkt". Schils heeft bij de gemeente Rucphen nu zo'n traject ingezet. "Samen met de gemeente is goed gezocht naar de unieke kenmerken en die worden straks in de markt gezet. Geen loze kreten dus en geen loze beloften".
De populariteit van citymarketing is zo groot dat er deze maand een speciale stichting voor in het leven is geroepen: het Netwerk Citymarketing Nederland. Het netwerk richt zich op de lokale publieke en private sectoren en regionale organisaties. Centraal staat het bevorderen van contacten en het uitwisselen van kennis en informatie tussen beroepsoefenaren, beleidsmakers en beïnvloeders. Citymarketing Nederland zorgt ervoor dat ervaringen van verschillende steden worden gedeeld. Ook organiseren zij regelmatig kennis- en netwerkbijeenkomsten voor beleidsmakers en uitvoerders van citymarketingbeleid.
Geschreven in kader van mijn stage.
Picture @ flickr.com
from urbanscreen on Vimeo.
Tip van Huub Koch
from Elena Colombo on Vimeo.
Van het totale marketingbudget nam het percentage dat voor dialoogmarketing wordt ingezet in het derde kwartaal van dit jaar met 23 procent toe.
De groei sluit aan bij de verwachting dat in 2009 meer wordt uitgegeven aan dialoogmarketing bij Nederlandse organisaties. Marketeers geven liever de voorkeur aan een dialoog dan aan massacommunicatie, omdat zij daarmee direct en interactief contact kunnen zoeken met de klant. Dit blijkt uit de laatste peiling van DM Barometer, een kwartaalonderzoek naar bestedingen en trends in dialoogmarketing van DDMA, OMG/Mailmedia en Tijdschrift voor Marketing.
Het budget wordt het meest besteedt aan de website (20 procent), geadresseerd drukwerk (18 procent) en e-mail marketing (17 procent). Ook werd aan de marketeers gevraagd welke (nieuwe) marketingkanalen zij momenteel toepassen in de marketingstrategieën. Online communities (55 procent) en mond-tot-mond (44 procent) worden genoemd. In interactieve televisie, mobiele applicaties en sms marketing zijn de ondervraagden (nog) niet actief.
Van de ondervraagden denkt 23 procent dat de uitgaven van dit jaar lager uitvallen vanwege de kredietcrisis. 25 procent zegt dat er helemaal geen verandering in de uitgaven optreedt.
Geschreven in kader van mijn stage.
Picture @ flickr.com

Laatste reacties